Episode 23
# 23 - De historische moordzaak van Jan van Kapel in 1974! - Theo de Vree (eerder uitgebracht als losse podcastaflevering: "Moordzaak 1974: opgelost!")
https://feeds.captivate.fm/moordzaak-1974-opgelost/
The tragic event of November 17, 1974, when the lifeless body of 67-year-old Jan van Kapel was discovered in his residence, serves as the focal point of this podcast episode. Our exploration delves into the harrowing details surrounding this wurgmoord, or strangulation murder, as uncovered by the police investigation. Nearly five decades later, we recount the investigative journey led by the now-seasoned director Theo de Vree, alongside his colleague Lex Beekman, who meticulously pieced together the evidence and testimonies that emerged during the case. The dialogue reveals not only the procedural intricacies faced by law enforcement at the time but also the societal context that shaped their understanding of the circumstances surrounding the victim. Through this retrospective examination, we endeavor to illuminate the complexities of a case that left an indelible mark on the community of Vlaardingen and beyond.
The tragic murder of Jan van Kapel, discovered on November 17, 1974, serves as the focal point of this episode, which intricately explores the ensuing investigation led by director Theo de Vree and his colleague Lex Beekman. Upon the discovery of van Kappel's body in his home, law enforcement quickly determined that he had been murdered, a revelation that set off a comprehensive investigation into the circumstances surrounding his death. The hosts engage listeners with a detailed recounting of the investigative processes employed at the time, highlighting both the challenges and triumphs encountered by the police.
A neighbor's timely report of the suspicious circumstances surrounding van Kapel's death catalyzed the police response, involving a multitude of officers and technical experts who meticulously examined the crime scene. This episode provides a thorough examination of the protocols followed, the collection of evidence, and the collaborative spirit among various departments, thus presenting a vivid portrayal of the investigative landscape of the 1970s. It is a poignant reminder of the complexities involved in criminal investigations, underscoring the dedication required to seek justice for victims of violent crimes.
Moreover, the podcast does not shy away from addressing the societal implications of van Kapel's identity as a homosexual man in a time when such matters were often shrouded in stigma. The hosts examine how this aspect of his life impacted the investigation, from the community's response to the police's approach in seeking witnesses and information. Through this lens, the narrative encourages listeners to reflect on the intersections of crime, societal attitudes, and the ongoing journey towards understanding and acceptance, thereby enriching the discourse surrounding this historical case.
Takeaways:
- On Sunday, November 17, 1974, the body of 67-year-old Jan van Kapel was discovered in his home, marking the commencement of a significant investigation.
- The police investigation revealed that Jan van Kappel was a victim of strangulation murder, a detail that underscores the seriousness of this case.
- Director Theo de Vree, along with his colleague Lex, revisited the murder investigation nearly fifty years later, providing insights into their methods and findings.
- A neighbor, who occasionally checked on Jan, discovered him deceased and promptly notified the police, initiating the response protocol.
- The investigation involved multiple police departments and technical services, highlighting the collaborative effort required to solve such a capital crime.
- Witnesses provided critical information, revealing the social dynamics of the time and contributing to the understanding of the circumstances surrounding the murder.
Transcript
Uit het politieonderzoek bleek dat hij het slachtoffer was geworden van een wurgmoord.
Speaker A:De toen nog jonge regisseur Theo de Vree neemt ons bijna 50 jaar later mee in de wijze waarop hij samen met zijn collega Lex deze moordzaak destijds heeft onderzocht.
Speaker A: ert naar de podcast Moordzaak: Speaker B:Een telefoontje aan het bureau van een vrouw die Jan van Kappel dood in zijn huis had gevonden.
Speaker B:Dat was een vrouw, een buurvrouw, die af en toe een beetje toezicht hield op hem.
Speaker B:Als hij het huis uit was verzorgde ze de plantjes.
Speaker B:Zij constateerde dat de luxeflex was naar beneden en door die luxeflex was ook de gordijnen nog eens een keer dicht.
Speaker B:Overdag, en dat was vreemd, want ze kenden Jan niet, dus is ze met de sleutel die ze voor de bloemen had naar binnen gegaan.
Speaker B:Ja, daar zag ze Jan doodliggen op de grond.
Speaker B:En ze belde onmiddellijk.
Speaker B:Ze heeft het fantastisch gedaan.
Speaker B:Ze zag toen nog niet zoveel tv van die series.
Speaker B:Maar ze belde onmiddellijk naar het politiebureau.
Speaker B:En toen is er onmiddellijk een actie op touw gezet.
Speaker B:De collega's staan naartoe en die vonden inderdaad de man overleden.
Speaker B:En ja, die trekken dan de bel.
Speaker B:Dan wordt er weer naar het bureau gebeld.
Speaker B:Het hele hoofdbestuur wordt ingeschakeld.
Speaker B:Dus leidinggevende, collega's, technische diensten.
Speaker B:Verschillende technische diensten worden erbij gehaald.
Speaker B:En dan begint de zaak te draaien.
Speaker B:Ik werkte toen bij de recherche, overigens.
Speaker B:Dat laat ik eerst vertellen.
Speaker B:Ik werkte daar al niet zo heel lang.
Speaker B:Misschien een jaar.
Speaker B:Ik kwam uit de surveillancedienst en als je het daar goed deed...
Speaker B:Dan mocht je ook op de recherche.
Speaker B:Ik mocht daar blijven bij de recherche, maar kennelijk zagen ze wel wat in me zitten.
Speaker B:Ik was al wel een tijd, nou ja, bijna tien jaar bij de politie.
Speaker B:Het een en ander wel gedaan en meegemaakt.
Speaker B:Ik wil ook wel vertellen, ik heb in die periode, eind zestig jaren, begin zeventig jaren bijvoorbeeld ook nog een tijd in de Warmoestraat.
Speaker B:Ik heb in Amsterdam gewerkt.
Speaker B:Er zijn enorme personeelproblemen.
Speaker B:Maar de bagage die je daar op doet, die neem je natuurlijk mee.
Speaker B:Ook in een onderzoek als dit kwam dat af en toe aan de orde.
Speaker C:Jullie gingen met man en macht, werden politiemensen daar naartoe gestuurd.
Speaker C:Er is iemand dood.
Speaker C:Er was nog geen sprake van of dat een moord was, neem ik aan.
Speaker C:Dat was nog niet bekend toen er gebeld werd.
Speaker C:Maar ik neem aan dat de omstandigheden dus aandacht waren.
Speaker B:Je praat dan over een natuurlijke of een niet-natuurlijke dood.
Speaker B:Eerst wordt er altijd gekeken en dan komt er altijd een arts bij.
Speaker B:In die tijd was er een GGD-Piquet-dienstarts.
Speaker B:Die bevestigde dat er een niet-natuurlijke dood was.
Speaker B:En bij een niet-natuurlijke dood moet er het hoofdbestuur.
Speaker B:Er moet een officier van justitie gewaarschuwd worden in Rotterdam.
Speaker B:Technische diensten komen dan ter plaatse om een onderzoek te doen.
Speaker B:Dat is een heel uitgebreid onderzoek verricht door de technische dienst.
Speaker B:Dat is niet alleen maar het opnemen van de situatie ter plaatse op dat moment.
Speaker B:Goed in kaart brengen, ook heel details, maar ook sporenonderzoek.
Speaker B:Dan nemen ze materiaal mee naar het bureau om daar verder sporen te onderzoeken.
Speaker B:Ja, het bureau was gewaarschuwd en vervolgens is het hele dienst van de recherche extra in dienst geroepen.
Speaker B:Want ja, dat was een kapitaal misdrijf.
Speaker B:Er is een taakverdeling tot stand gebracht.
Speaker B:Dat hebben ze geweldig geregeld.
Speaker B:Een paar jongens werden er onmiddellijk op uitgestuurd om een buurtonderzoek te doen.
Speaker B:Dus straat af te gaan.
Speaker B:Daar heb je al een woordelijke ploeg voor nodig.
Speaker B:Ik was een van de jongeren en er was een collega Lex Beekman.
Speaker B:Die was pas een paar maanden bij de recherche.
Speaker B:En omdat wij de jongeren waren, werden wij aan het bureau gehouden.
Speaker B:Eventueel als achtervang, mocht er wat gebeuren.
Speaker B:Maar ook om de administratie van die man, die in beslag was genomen, om die te gaan onderzoeken.
Speaker B:In de woonkamer in het huis was er een ravage.
Speaker B:Uiteindelijk is ervoor gekozen om wat administratie mee naar bureau te nemen en dat te schiften en te onderzoeken.
Speaker B:En waarom?
Speaker B:Om bijzondere aanklopingspunten te proberen te vinden.
Speaker B:Wat is de reden van zo'n moord?
Speaker B:Dus Lex en ik hebben op ons gemak zitten sorteren.
Speaker B:En nou ja, dat zal de tweede dag geweest zijn misschien, of de derde dag, dat durf ik niet meer te zeggen.
Speaker B:Maar er kwam op een gegeven moment een telefoontje binnen, terwijl iedereen van dat onderzoek dus met zijn taken bezig was.
Speaker B:En de adjudante, Bomer, kwam naar me toe en zei...
Speaker B:Ik krijg een telefoontje van iemand uit Rotterdam en die heeft misschien wat te vertellen.
Speaker B:Zouden jullie daar naartoe willen?
Speaker B:Nou ja, dat vonden wij natuurlijk prachtig.
Speaker B:Want het uitspitten van die administratie is aardig, maar aan het echte onderzoek...
Speaker B:Dat is het echte werk, daar doe je het voor.
Speaker B:Fijn, Lex en ik naar Rotterdam.
Speaker B:En daar komen we bij een man in een schitterend appartement.
Speaker B:Een man van middelbare leeftijd en een hele integere uitstraling.
Speaker B:En die man die meldt dat hij homofiel is.
Speaker B:Het kwam al vrij snel te spraken.
Speaker B:Maar in die tijd wisten wij amper wat homofiele was.
Speaker B:En ondanks het feit dat ik in Amsterdam daar in de Hoerenbuurt maanden heb gewerkt...
Speaker B:Ja, dat hele aspect, dat kwam nauwelijks te sprake.
Speaker B:Dat werd maar zo openlijk als nu.
Speaker B:En wat vertelde die man?
Speaker B:Hij kwam regelmatig op het Centraal Station.
Speaker B:En het Centraal Station in die tijd, dat was een verzamelplaats voor homofielen.
Speaker B:Hij kende de wereld uitstekend.
Speaker B:Hij had Jan van Kappel daar gezien en hij belde het politiebureau omdat hij in de krant een foto van Jan van Kappel had gezien.
Speaker B:Hij wist niet zo achterna, maar wel dat hij Jan heette, maar dan de foto zag hij tot heen.
Speaker B:Dat is die man die ik hier in het stationhal heb gezien.
Speaker B:Hij had hem zien praten met twee jongens en hij begreep dat die twee jongens met hem mee zijn gegaan uiteindelijk naar zijn huis.
Speaker B:Hij dacht, nou we zitten plots, dat is bingo, dan komen we die twee jongens dien, dus die komen daar terug met zo'n verrassend verhaal.
Speaker B:Hij vertelde ook nog dat, ja, Die ene knaap, een van die knapen, die is ook nog met een ander mee geweest.
Speaker B:Een dag ervoor, dat had hij ook gezien.
Speaker B:Dus zo vaak, ja, die kwam bijna dagelijks op het Centraal Station.
Speaker B:En, eh, nou ja, wij bij...
Speaker B:Hij was weer een andere persoon die vermoedelijk wist hoe die man dan heette waar die ene jonge jongen dan mee bezig is gegaan.
Speaker B:Met dat hele verhaal natuurlijk naar het bureau.
Speaker B:Wat er toen gebeurde, dat is heel bijzonder.
Speaker B:Tegenwoordig wordt elk onderzoek volgens een bepaalde regie aangepakt.
Speaker B:En dat is ook heel verstandig.
Speaker B:Maar ze zaten toen met hun handen in tafel.
Speaker B:Want al onze mensen waren uitbesteed aan die sub-onderzoeken.
Speaker B:Ja, en ik was zo vrij om te zeggen, joh, ik wil bij Wessen graag.
Speaker B:Nou, toen verstuurden ze me verder.
Speaker B:Nou, het gevolg daarvan is, dat wij eigenlijk, en dat is misschien wel de laatste keer geweest, dat wij, dus Lex en ik, een moord hebben, een belangrijk deel van het onderzoek hebben gedaan, op een soort chimie manier.
Speaker B:Kom je nooit meer tegen natuurlijk.
Speaker B:En ik ben bang dat als het op deze manier, op de huidige manier, als het die moord ook waarschijnlijk nooit afgerond.
Speaker B:Maar, Wij zijn toen weer teruggegaan naar Rotterdam en op zoek gegaan naar die man die misschien de link was met die naam.
Speaker B:Nou die vonden we op een gegeven moment en die man die wist te vertellen dat die baas waar die jongen mee was gegaan dat die Johnny heette.
Speaker B:Nou gaan we in Rotterdam een Johnny zoeken.
Speaker B:Johnny, wij zijn toen naar het hoofdbureau gegaan in Rotterdam.
Speaker B:En daar had je een zedenafdeling, maar er was één man, een brigadier, een geweldige man.
Speaker B:En die was bekend met de homofiele wereld.
Speaker B:Die had daar regelmatig contact mee.
Speaker B:Hij was er zelf niet, overigens, maar hij had er fantastisch contact mee.
Speaker B:En die vertelde, dat zou misschien Johnny de Dancer wel eens kunnen zijn.
Speaker B:Maar Johnny de Dancer wist wel waar hij zou wonen.
Speaker B:Nou, uiteindelijk...
Speaker B:Natuurlijk kom je daar een keer voor niks aan de deur, maar op een gegeven moment ging de deur open.
Speaker B:De brigadier van Rotterdam, Paan van Straatstad, geweldige vent, die...
Speaker B:Ah Johnny, we willen even praten met je.
Speaker B:En Johnny was zo, een oude baas inmiddels, die was zo, kom binnen.
Speaker B:Er was eindelijk iemand aan zijn deur.
Speaker B:Dus Lex, de Rotterdamse brigadier en ik, naar binnen, achter Johnny aan.
Speaker B:En Johnny vertelde uiteindelijk, maar hij vertelde nog meer, kom ik zo terug.
Speaker B:Hij vertelde uiteindelijk dat hij inderdaad ook regelmatig op het Centraal Station op zoek is naar de jongens.
Speaker B:Die haalt hij dan naar huis voor wat geld en neemt hij dan mee.
Speaker B:Dan heeft hij daar een fijne nacht mee.
Speaker B:Dus een knaap had hij meegenomen.
Speaker B:En die knaap, nou ja, de hele nacht zijn ze druk bezig geweest.
Speaker B:Maar op een gegeven moment valt die knaap in slaap.
Speaker B:En Johnny, die vond het toch wel verstandig om zijn gegevens, even zijn zakken, na te kijken.
Speaker B:Nou, als je dat hoort, dan denk je al gaan, dan word je beroofd.
Speaker B:Maar in dit geval zocht hij naar zijn paspoort en daar zag hij een naam op.
Speaker B:En dat heeft hij zo onthouden.
Speaker B:Nou prima, dat klopt ongeveer een beetje bij de beschrijving.
Speaker B:Dus ik heb waarschijnlijk een bestrouwbare knaap te doen.
Speaker B:En nou, dat is leuk dat hij dat vertelde, maar wat Johnny ook vertelde...
Speaker B:Vraag je natuurlijk, hoe kom je aan die naam de danser?
Speaker B:Want dat wist hij paalvast, dat hij de danser heette.
Speaker B:Wat blijkt nou, dan komen er ook vervolgens enorme fotoboeken op de tafel.
Speaker B:Het was overigens in Krooswijk een huisje.
Speaker B:Een benedenwonertje, een klein wonertje, maar donker, bedompt.
Speaker B:Maar goed, camerafoto.
Speaker B:Wat blijkt nou?
Speaker B:Die Johnny, die is zo in de tijd van de Wereldoorlog, een kort daarna, is die een hele beroemde danser geweest, danseres geweest in de revue.
Speaker B:In Parijs.
Speaker B:Een top act was het in die tijd.
Speaker B:Prachtige foto's met bekende lui.
Speaker B:Maar iedereen dacht dat Johnny een vrouw was.
Speaker B:Maar Johnny was helemaal geen vrouw.
Speaker B:Dat gebeurde in die tijd wel regelmatig.
Speaker B:Maar de visten buiten staan er niet.
Speaker B:En dat was...
Speaker B:Ja, daar hebben we heel...
Speaker B:...heel geamuseerd naar geluisterd.
Speaker B:Maar goed, Johnny die bracht ons wel verder.
Speaker B:Want hij had inderdaad een naam...
Speaker B:Mark en nog iets, maar daar was hij niet duidelijk in.
Speaker B:Achteraf bleek dat een andere naam te zijn dan de werkelijke naam.
Speaker B:In die periode heeft zich ook nog een vrouw gemeld die in de trein zat.
Speaker B:...naast of tegenover Jan van Kappel en die twee jongens.
Speaker B:En daar had ze de andere naam gehoord, de naam van het jonge ventje, Günter.
Speaker B:De tipgever, waar Lex Beekman en ik het eerst naartoe zijn gegaan...
Speaker B:...die had tijdens dat overleg...
Speaker B:Moet ik even nog verzinnen.
Speaker B:Jean ontmoette die jonge Fransman op het station.
Speaker B:Die ging met hem mee, maar die andere knaap, die jonge vent, die bleef achter.
Speaker B:En die had eigenlijk graag met die tipgever mee naar huis gewild.
Speaker B:Want die zocht ook een onderkomen.
Speaker B:Maar daar voelde die tipgever, dat begon er niet aan.
Speaker B:Maar hij vertelde wel aan die tipgever dat zijn paspoort was ook gepikt.
Speaker B:En daar had hij wel aangifte van gedaan in Amsterdam.
Speaker B:En zo tussen zijn nezen en lippen begreep hij ook dat die knaap wel Günter heette.
Speaker B:Dus toen wij die naam van Johnny hadden gehoord, van Mark, ja, we hadden dus ook een naam van Günter.
Speaker B:En ook nog eens een keer een aangifte.
Speaker B:Nou, dan kom je alweer ineens.
Speaker B:Johnny, de andere dag leverde hij die knapen weer af bij het station.
Speaker B:En die ontmoette daar die jonge jongen.
Speaker B:Want dat is ook afgesproken, dus aan het eind van de middag zien ze elkaar weer.
Speaker B:En daar is die Jan van Geppel en die twee knapen, waarvan we dus inmiddels weten dat die ene Mark heet en die andere vermoedelijk Günter, waarvan zijn paspoort gepikt is in Amsterdam.
Speaker B:Die gaan met Jan van Kapel mee.
Speaker B:In de trein ziet een vrouw, die ziet dat die drie, en die hoort ook iets, en die bevestigt ook iets van die naam van Günther, en een Duits sprekende knaap, en ja die anderen die zijn niet zoveel, maar dat was ook een buitenlandse, maar ze konden niet precies thuis denken wat.
Speaker B:Dus dat werd bevestigd weer.
Speaker B:Maar wij krijgen ook weer informatie van Via Johnny.
Speaker B:Die en die heeft dat ook gezien.
Speaker B:Dan ga je natuurlijk op zoek naar wie er meer dingen hebben gezien.
Speaker B:Wie kunnen je meer verder helpen.
Speaker B:Wij zijn toen gestart met een ronde langs...
Speaker B:Ja, randmensen die misschien iets gezien hadden.
Speaker B:Dat is dan wel mooi, dat je dan uiteindelijk de persoon weet te vinden waar een vage beschrijving van is.
Speaker B:Ja, die woont daar en daar en hij ziet er ongeveer zo uit en hij denkt ik zo.
Speaker B:We komen vanaf dat moment...
Speaker B:Het heeft een maand geduurd dat we bijna dag en nacht homo's zien in Rotterdam, waarvan ik niet wist dat er homo's waren.
Speaker B:Wat ik gezien heb en meegemaakt, dat is eigenlijk onbeschrijflijk.
Speaker B:Maar wat we ook constateerden, is dat die mensen ontzettend betrokken waren bij elkaar.
Speaker B:Het feit dat ze waren allemaal bereid om mee te werken met het onderzoek, want zo ervoerden ze het wel, ze zouden zelf al een slachtoffer hebben kunnen zijn.
Speaker B:Want toen Johnny bijvoorbeeld begreep dat we misschien een moordenaar zochten, de moordenaar van Jan Kapel, toen viel hij letterlijk van zijn stoel af van de schrik.
Speaker B:En dat kan ik me helemaal voorstellen natuurlijk.
Speaker B:Ja, in die tijd, ja nu wordt het meest makkelijk vermoord, maar in die tijd was dat nog niet zo.
Speaker B:Maar ontzettende bereidheid om met het onderzoek te helpen.
Speaker B:En van liefde kregen we natuurlijk daardoor ook meer aanvulling op het verhaal.
Speaker B:We kwamen met allerlei relevante verklaringen thuis.
Speaker B:Het is ook wel grappig om dat te melden.
Speaker B:In mijn naïviteit, ja, wist jij veel?
Speaker B:Ik had wel een cursus gevolgd voor de regering, maar daar wil je eigenlijk niet zoveel wijze van.
Speaker B:Maar we maakten elke dag, kwamen we altijd s'avonds laat thuis, soms één uur, soms twee uur.
Speaker B:En gewoon om acht uur weer de dienst.
Speaker B:Maar na elke dienst maakte ik een uitgebreid verslag.
Speaker B:Dat was voor het eerst dat er gebeurde van wat we die dag allemaal gedaan hadden.
Speaker B:En wat we meegemaakt hadden en wat we gehoord hadden.
Speaker B:En dat is later ook wel heel nuttig gebleken dat je toch weer dingen kunt leiden.
Speaker B:Want je vergeet zo makkelijk wat.
Speaker B:Maar goed.
Speaker B:Die tijd kwamen er ook andere sporen, dan krijg je ook wat bijzonder om te melden.
Speaker B:Dan krijg je ook met het fenomeen te maken van, ja, twee jonge jongens die komen iedere keer met goede verhalen thuis, met hele degelijke informatie.
Speaker B:En ik kreeg, ik werd op een gegeven moment, we waren druk bezig en heel enthousiast.
Speaker B:We hadden echt het idee hoe we zitten, want ook die twijfel die blijft bestaan.
Speaker B:Zit je nou wel goed, zit je nou niet goed?
Speaker B:En dat hielden we ook onszelf steeds voor.
Speaker B:Maar ik werd op het hebbelijk uitgenodigd bij de hoofdinspecteur van Sloot en Jolteo, we stoppen ermee met het onderzoek.
Speaker B:Dus dat sloeg in en ze bom.
Speaker B:Je had toen nog heel veel respect, dat bestaat allemaal niet meer, heel veel respect voor de grote baas.
Speaker B:En hij legde uit, ja, jullie zitten verkeerd.
Speaker B:Hij zegt, ik begrijp wel dat jullie denken dat je goed zit, maar je zit verkeerd.
Speaker B:En wat was er nou aan de hand?
Speaker B:En dat is...
Speaker B:Er is niks nieuws onder de zon en dat is toen ook gebeurd.
Speaker B:Je bent twee jonge ventjes en enthousiast en je komt met fantastische zaken thuis, maar dat vinden de oudere collega's, vinden dat niet leuk, want die hadden dat...
Speaker B:Ja, zo werkt dat dan eenmaal.
Speaker B:Dus dan krijg je ook een beetje achterklap en dat soort dingen.
Speaker B:En daar is onbegrijpelijk een stemming achter je rug om, want we waren dag en nacht, van s'morgens 8 uur tot die diepende nacht waren we bezig.
Speaker B:Dus wij hadden eigenlijk verder weinig contact met de collega's.
Speaker B:Heel enkele keer was er een overleg, maar dan ben je gedwongen tot het overleg bij te wonen.
Speaker B:Daarna ging het zo snel mogelijk verder.
Speaker B:Maar je hebt dan geen idee van wat er achter je rug om gebeurt.
Speaker B:Ik zal niet zeggen dat Robbert praat, maar er waren mensen die wisten het beter.
Speaker B:En die kwamen ineens met een verhaal te proppen dat de daders in Den Haag zouden zitten.
Speaker B:Dus er werden een paar diensten naar Den Haag ingestuurd.
Speaker B:Diezelfde diensten kwamen toen op het idee dat de daders in Amsterdam zitten.
Speaker B:Dus wij kwamen iedere avond netjes thuis.
Speaker B:We hebben drie of vier uur in het eigen bed gelegd, maar die gasten gingen naar Den Haag.
Speaker B:hotels en die lieten ze frappeteren en een fantastisch onderzoek hebben ze gedaan.
Speaker B:En op een gegeven moment zelfs kwamen ze te ontdekken, joh, je fantasie gaat op een gegeven moment op de loop, ja niet de mijne, maar Antwerpen, nou daar zijn ze ook dagen geweest.
Speaker B:En wat heeft dat allemaal opgeleverd?
Speaker B:Helemaal niks, maar Ondanks mijn ongelooflijke ontzag voor z'n hoofd, kreeg ik er zoveel verschrikkelijke pest in.
Speaker B:Dus ik zei tegen hem versloten, dan neem ik nu ontslag.
Speaker B:Ik wist ook dat Lex er ook zo in zou steken.
Speaker B:Daar vertrouwde ik helemaal op.
Speaker B:Ik zei, we gaan dan gewoon op eigen titel verder met het onderzoek, want wij zitten gewoon hartstikke goed.
Speaker B:We hebben goede getuigeverklaringen en dit brengen we tot een goed eind.
Speaker B:Nou, dat was een fel gevecht en ik was in die tijd...
Speaker B:Op dat moment is kennelijk erg fel, maar dat heeft Versloten er toen bewogen om...
Speaker B:Nou ja, oké, jullie gaan me verder, maar heb dan niet het idee dat het wat wordt.
Speaker B:Maar je bent er wel even bij.
Speaker B:Ik vertelde niks aan die anderen, maar...
Speaker B:Nou, oké, wij zijn verder gegaan.
Speaker B:En eigenlijk later zijn we er nooit meer op teruggekomen.
Speaker B:Dat was ook nog dun in die tijd, maar het was zo dat het onderzoek van die andere jongens nauwelijks iets opgeleverd heeft.
Speaker B:Wat het wel opgeleverd heeft, de collega's die in Amsterdam waren, die zijn op een gegeven moment naar het bureau gegaan om te informeren over de aangifte van die mogelijke Günther.
Speaker B:Nou, inderdaad, dat is keurig.
Speaker B:We hebben ook een kopie gemaakt waar een foto op stond.
Speaker B:We hadden daar dus een naam, een foto.
Speaker B:Fantastisch.
Speaker B:De naam van die andere overigens, van die Fransman...
Speaker B:Eén van de getuigen, ik vertelde het net, we zijn op een gegeven moment een enorme tijd in China gezeten en iemand wist daar te vertellen, maar ik weet verdraaid niet meer wie.
Speaker B:van dat die knaap, die had gevangen gezeten, die Fransman, die Marc, die had ergens gevangen gezeten om een of andere reden.
Speaker B:En die wist ook nog een plaats, want dat had hij, dat had hij, ja, dat had hij gemeld, dan ging hij zoiets over opsnijden.
Speaker B:Toen is er door onze mensen contact opgenomen met...
Speaker B:Er zijn zelfs twee dieners naar Keulen gegaan om te informeren bij de politie daar.
Speaker B:En verdomd, daar bleek die knaap bekend te staan.
Speaker B:Die had weleens wat uitgevreten.
Speaker B:En daar kwam dus een naam, een markt met een achternaam en een foto.
Speaker B:Ja, in Duitsland kregen die collega's dan die foto met de gegevens.
Speaker B:Nou, we hadden die vanuit Amsterdam natuurlijk ook bij elkaar.
Speaker B:Wij zijn toen, Lex en ik, weer samen met die foto's onze getuigen.
Speaker B:Dat waren er inmiddels al een stuk of tien misschien, relevante getuigen.
Speaker B:Ja, en we kregen daar een...
Speaker B:Enorme bingo natuurlijk, een bingo gevoel.
Speaker B:Iedereen was heel duidelijk en overtuigend.
Speaker B:Nou, dit zijn ze, dit zijn ze.
Speaker B:En hoe hebben ze kunnen vinden dat?
Speaker B:Maar ja, dat is hartstikke leuk.
Speaker B:Kom je thuis met die mededeling?
Speaker B:Maar dat hebben ze natuurlijk nog niet.
Speaker B:En dan komt de zoektocht.
Speaker B:Waar zouden ze kunnen zitten?
Speaker B:En dat kan dan zijn dat het Amsterdam is.
Speaker B:Dat dat leek voor de hand te liggen.
Speaker B:Maar er zijn allerlei berichten het land ingestuurd en naar aanleiding daarvan zijn ze uiteindelijk wel opgespot.
Speaker B:De gegevens zijn doorgesluisd naar Interpol, dat is een administratieve organisatie in Parijs die verspreidt via de telex de gegevens en verzoeken om aanhouding.
Speaker B:aan de gemeente in West-Europa.
Speaker B:En soms, ja, degene die die berichten ontvangt, die moet dat dan netjes doornemen, maar er zijn soms zoveel namen dat dat gebeurt niet altijd even nauwgezet, althans in die tijd.
Speaker B:De methode om dingen te herkennen, de goede informatie eruit te halen, die, ja, dat gebeurde allemaal bijna handmatig en dat was moeizaam.
Speaker B:Maar het is wel zo dat de Duitse politie dat bericht gemist heeft.
Speaker B:Maar na enige tijd werd toch duidelijk dat die Fransman een bureau in Keulen vast zat.
Speaker B:Die was ongewenst een vreemdeling.
Speaker B:En ik weet niet meer precies hoe we daar precies aangekomen zijn.
Speaker B:Maar collega's van ons zijn toen direct op de trein gesprongen en daar naartoe gegaan.
Speaker B:En die hebben de betreffende man gesproken.
Speaker B:En die kregen gewoon gauw, vrij snel, een bevestigende verklaring van ja, dat deed hij verder ook niet moeilijk over.
Speaker B:De andere man dacht wel hetzelfde.
Speaker B:Dus er was een bericht om te zoeken naar die man.
Speaker B:Dat was aan alle bureaus doorgegeven.
Speaker B:Dan word je nog zomaar wel zien te vinden.
Speaker B:Ik weet eigenlijk niet meer hoe we daar nu aan zijn gekomen.
Speaker B:Maar het bijzondere vind ik aan het onderzoek wat Lex en ik hebben gedaan...
Speaker B:is eigenlijk het feit dat wij hebben kunnen herleiden...
Speaker B:wat twee knapen die een dag van tevoren nog in Keulen...
Speaker B:Een dag van tevoren hebben ze elkaar in Keulen ontmoet op het station.
Speaker B:Ze zijn naar Rotterdam gekomen.
Speaker B:En vervolgens hebben ze die dingen met Van Kappel gedaan.
Speaker B:Ze zijn nog een week ongeveer in Nederland gebleven.
Speaker B:En ze zijn toen om tactische redenen uit elkaar gegaan.
Speaker B:Maar het bijzondere van het onderzoek is dat die twee knapen nauwelijks elkaar kenden.
Speaker B:Dat we van bijna van uur tot uur hebben kunnen erleiden over een periode van anderhalve week wat die gasten uitgevreten hebben.
Speaker B:En dat is gelukt door zoveel mensen te spreken.
Speaker B:Dat zijn niet altijd de relevante getuigen met kernachtige uitspraken, maar soms ook mensen die iets wisten toe te voegen, een klein detail wisten te melden, maar jij kon dat dan vervolgens weer combineren met...
Speaker B:Dat vond ik eigenlijk van ons zo'n geweldige presentatie.
Speaker B:Daar was ik zo gelukkig mee.
Speaker B:En ja, met de andere details van het onderzoek, het technische gebeuren of hoe de situatie daar in huis was.
Speaker B:Ja, daar hadden we trouwens ook geen tijd voor om ons daarin te verdiepen.
Speaker B:Want later hoor ik bijvoorbeeld hoe groot de ravage was en hoe...
Speaker B:wat er weg was en of dat de geldbedragen verdwenen zijn en dat soort dingen.
Speaker B:Dat was voor ons aanvankelijk niet relevant.
Speaker B:Maar het is voor ons een schitterend onderzoek geweest.
Speaker B:Ik begon met het gesprek van, we wisten nauwelijks wat een homofiel was.
Speaker B:Na dat onderzoek wist ik precies hoe de homofiele wereld in mekaar zat en hoe divers die ook was.
Speaker B:Dat onderzoek heeft mijzelf ongelooflijk verrijkt.
Speaker A: erd naar de podcast Moordzaak: Speaker A:In eigen beheer geproduceerd door Rick Bouwman.
Speaker A:Luister naar de podcast Lammie de Harschkotter.
Speaker A: Smokkeltochten, als in maart: Speaker B:Iedere keer als ik iets lees over.
Speaker A:Een drugsvangst of ergens weer een boot.
Speaker B:Met veel drugs, dan denk ik, oh ja, Lammie, die komt altijd even langs.
Speaker B:Ik denk dat het in de misdaadgeschiedenis wel bekend staat als het eerste echte kat- en muispel tussen politie en de eerste pionierende drugscriminelen in Nederland.
Speaker A:Wie waren er al op de hoogte van deze smokkeltocht?
Speaker C:Die tonnen hars werden met ezeltjes aangevoerd.
Speaker A:En wat gebeurde er eigenlijk tijdens de achtervolging?
Speaker B:De bemanning weigert tot nu toe zich over te geven.
Speaker C:...Heeft hij daar een draagvast granaat naar binnen geschoten.
Speaker B:En ze dachten dat hij gewapend was.
Speaker C:Jullie denken toch niet dat ik dit laat ontsnappen?
Speaker B:Het is niet de bedoeling het leven van de drie opvarenden van de kotter in gevaar te brengen.
Speaker B:Maar ze zijn tot het laatste moment er boven gebleven.
Speaker C:En in eene zag ik twee staven met trotielige springstof.
Speaker A:En hoe ontwikkelde zich de nasleep van deze bizarre tocht?
Speaker A:Maar die rechercheur die heeft toen één stuk hartstikke onvreemd.
Speaker C:Nou, dit is gewoon gemaakt voor de harstransporter.
Speaker C:Niet om te vissen, maar voor de harstransporter is dit gemaakt.
Speaker C:Weet je wel?
Speaker C:Stond niet te geloven joh.
Speaker C:Dit is echt leuk hoor.
Speaker A:Luister via uw favoriete podcast-app naar deze podcast Lammie de Harskotter.
Speaker A:Een podcast gemaakt door Rick Bouwman en Elmar Hemler.
Speaker A:Podcastmaker Rick Bouwman heeft eerder al een succesvolle podcastserie gemaakt met de titel De Gijseling op de Noordzee.
Speaker A:Met deze podcast is een landelijke top 5 notering behaald.
Speaker A:De Gijseling op de Noordzee kunt u beluisteren op Spotify en alle andere streamingsdiensten.
Speaker B:Nou ik vind dat het echt, dat is het laatste echt piratenavontuur.
Speaker B:En dat zei Roy Beets ook dat.
Speaker C:Hij hem dan misschien tot dood zou veroordelen.
Speaker C:Ik denk dat ik kan zeggen dat ik iemand leven gered heb daar.
Speaker C:Dat ik anders wel kwam vermoorden ofzo.
Speaker B:...Die Beetzel in de gaten had, was.
Speaker C:Dat het gijzelen van mensen op dat eiland...
Speaker C:...die Britse regeerde, niet lekker zat.
Speaker B:Stolenpaal Dynamo, hij heeft allerlei wapenfeiten op zijn naam staan...
Speaker B:...die wel vrij dubieus zijn, want het is eigenlijk...
Speaker B:...de enige getuige dat is hij zelf.